h

Opinie: afval niet vergeten.

22 april 2020

Opinie: afval niet vergeten.

Foto: SP

We hebben het, als het gaat om bedrijven die werken met gevaarlijke stoffen, in het algemeen vooral over de uitstoot en lozing van deze stoffen, en dat is gezien de mogelijk ernstige gevolgen daarvan ook logisch. Veel minder vaak hebben we het over het afvoeren van het afval van deze bedrijven en de verwerking van dit, in veel geval zwaar verontreinigde, afval. Maar daarin schuilt een enorm gevaar. In veel gevallen is de hoeveelheid van het verontreinigde afval vele malen groter dan de via de vergunning geregelde uitstoot en lozing naar lucht en water. Het is dus daarom ook van het grootste belang dat de wetgeving, regels en afspraken, die er zijn over de wijze waarop we dit afval vervoeren en verwerken, op orde zijn, worden nageleefd en dat de controle hierop voldoende is.

Chemours

Even een recent voorbeeld ter illustratie. Het ons allen wel bekende bedrijf Chemours in Dordrecht heeft een vergunning voor het uitstoten van 450 kilo Pfas stoffen per jaar. De Provincie eist dat dit in 2020 wordt teruggebracht naar 95 kilo en volgend jaar naar nog maar 3,2 kilo (hierover loopt nog een rechtszaak tegen de Provincie aangespannen door Chemours). Daarnaast is het bedrijf, omdat de gebruikte stoffen vallen onder de categorie Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) verplicht om jaarlijks te onderzoeken of het de uitstoot kan verminderen. Maar dit gaat allemaal uitsluitend over de directe uitstoot veroorzaakt door het productieproces. Het afval wat dit bedrijf produceert valt onder andere wet- en regelgeving en dus buiten de vergunning voor de uitstoot. Het verontrustende is dat het verontreinigde afval een kleine 30.000 kg per jaar betreft en dus vele malen meer dan de vergunde uitstoot en lozing.

Met dit afval zijn de afgelopen jaren vreemde zaken gebeurd. Een deel van het afval werd in het verleden getransporteerd voor recycling of vernietiging naar Amerika en Italië. In Amerika heeft het EPA (Environmental Protection Agency) hier, hangende een onderzoek naar de verwerking van dit afval, een stokje voor gestoken. Het Italiaanse bedrijf Miteni di Trissino, dat afval van GenX en andere PFOA-achtige stoffen verwerkte, heeft daarbij in de Povlakte een ernstige verontreiniging van het grondwater veroorzaakt. In Italiaanse media wordt de milieuschade op 136 miljoen euro geschat. Om die reden had de Italiaanse staat bezittingen van het bedrijf in beslag willen nemen. Voordat dat gebeurde, liet het bedrijf zich echter al failliet verklaren. Tegen de verantwoordelijken binnen het bedrijf loopt inmiddels een strafrechtelijk onderzoek (bron: BN de stem).

Door deze laatste ontwikkeling moest Chemours, volgens internationale regelgeving, 15 ton afval terughalen naar Nederland. Na een tijdelijke opslag op het terrein in Dordrecht heeft het bedrijf dit afval, onder een verkeerde vergunning, illegaal naar België getransporteerd, alwaar het is verbrand. Zowel in Nederland als in België loopt hiernaar een strafrechtelijk onderzoek. Maar daarmee zijn we er nog niet. Omdat de transporteur niet op de hoogte was van de samenstelling van de lading is er ook op andere plaatsen verontreiniging met Pfas stoffen opgetreden. Uit een onderzoek van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) naar de verspreiding van GenX stoffen kon de herkomst van deze stoffen, aangetroffen op verschillende plaatsen in ons land, niet worden achterhaald. De oorzaak is waarschijnlijk te wijten aan de volstrekt onvoldoende communicatie tussen ongeveer iedere betrokkene in de keten. De transporteur kent de exacte samenstelling van de te vervoeren lading niet en verzuimd daardoor de reiniging van zijn transportmiddelen. Ook de verwerker kent in veel gevallen de samenstelling van het afval niet, al zijn er gelukkig een paar die zelf metingen uitvoeren.   

Het voorbeeld van Chemours gaat over slechts één bedrijf. Er zijn in ons land enorm veel bedrijven die werken met Zeer Zorgwekkende Stoffen, in de productie, maar vooral ook in het transport van deze stoffen en het afval van de toegepaste processen. Ongeveer 400 daarvan zijn bedrijven die vallen onder de Besluit Risico’s Zware Ongevallen (BRZO), dit zijn bedrijven die een meldingsplicht hebben als er iets misgaat met deze stoffen. In 2018 zijn 380 BRZO-bedrijven geïnspecteerd. Bij 57% van deze bedrijven (217) zijn overtredingen geconstateerd. Bij 143 bedrijven ging het uitsluitend om overtredingen van de lichtste categorie. Bij 73 bedrijven zijn middelzware overtredingen geconstateerd en bij één bedrijf een zware overtreding. In totaal zijn er in 2018 755 overtredingen vastgesteld (Bron: Monitor handhaving BRZO+ 2018).

De risico’s

Volgens de brede risicoanalyse (IBRA 2019) van het ILT wordt 10% van het geregistreerde afval dat men nu verwerkt of exporteert, onvoldoende hoogwaardig hergebruikt.  Dit is 4 miljoen ton (een ton is 1000 kg). De geschatte omvang van niet-geregistreerde illegale afvalstromen betreft circa 5,4 miljoen ton. In totaal wordt jaarlijks dus 9,5 miljoen ton afval (9,5 miljard kilogram) op onjuiste wijze of niet volgens de Nederlandse recyclingdoelstelling verwerkt. Dit lijdt tot milieuschade zoals: klimaatverandering, versneld smelten van poolkappen door afzet van roetdeeltjes, eindigheid schaarse grondstoffen, plasticsoep, diffuse verspreiding van microplastics etc. Allemaal zaken die de internationale politiek ervaart als urgent. Hierbij komt nog de economische schade die geschat wordt op 1,8 miljard per jaar (Bron: IBRA 2019 ILT).

Euralcode

Om te bepalen met welke stoffen we bij het afval te maken hebben en dus welke vergunning nodig is, werken we in Nederland met de zogenaamde Euralcode. Hierbij wordt elke afvalstof getypeerd door een omschrijving van de aard, samenstelling en herkomst. De juistheid van de toegekende Euralcode is van groot belang. Als de code onjuist is, is er meer kans op ongelukken, bijvoorbeeld als een afvalstof gevaarlijke eigenschappen heeft die niet bekend zijn. Ook is deze code nodig om de juiste vergunning te kunnen verlenen voor verwerking en om afvalstromen tijdens hun verwerkingsproces te kunnen volgen. Het gebruik van een verkeerde Euralcode is een overtreding van de Wet milieubeheer art. 10.39 en een economisch delict (Wet op de Economische Delicten art. 1a lid 1) waar zowel bestuursrechtelijk als strafrechtelijk tegen kan worden opgetreden. De ontdoener van het afval is verplicht om de aard, eigenschappen en samenstelling van het afval te melden aan de ontvanger. Dit is nodig omdat stoffen, zoals zeer zorgwekkende stoffen (ZZS), in het afval zelfs als zij onder de grenswaarde zitten alsnog risico’s kunnen opleveren voor mens en milieu (Bron: Handreiking Eural. Rijkswaterstaat, versie 1).

Wat te doen

Naast het terugdringen van de uitstoot en lozing van zeer zorgwekkende stoffen is het minstens net zo belangrijk dat ook de afvalstroom van deze stoffen, die overblijft na het productieproces, tot een minimum wordt beperkt. Daar waar sprake is van een afvalstroom waarbij zeer zorgwekkende stoffen zijn betrokken, dient dit op een verantwoorde wijze te gebeuren. Voor zowel de aanbieder, de transporteur als de verwerker dient deze verwerkingsketen transparant, zodat altijd duidelijk is om welke stoffen het gaat, en met voldoende kennis over de voor deze stoffen geldende wet- en regelgeving. Van belang is ook dat de verplichting om de samenstelling van een bepaalde afvalstroom te melden aan een vervoerder of verwerker, wordt aangescherpt. Daarnaast dienen ook de handhavende instanties als de ILT en de omgevingsdiensten over voldoende middelen te beschikken om hun controlerende en handhavende taken goed te kunnen uitvoeren.

Tot slot

De SP is van mening dat van alle bedrijven die werken met zeer zorgwekkende stoffen verwacht mag worden dat zij op professionele wijze met deze stoffen kunnen omgaan en tot in details op de hoogte zijn van alle daarbij behorende wet- en regelgeving. Bedrijven worden hierop actief getoetst, deze toets wordt jaarlijks herhaald. De toets is van doorslaggevende invloed op de toekenning of verlening van vergunningen of ontheffingen. Bedrijven waarvan blijkt dat de wet- en regelgeving moedwillig is overtreden, verliezen per direct hun vergunning of ontheffing om met de betreffende stoffen te mogen werken, deze stoffen te vervoeren, op te slaan of te verwerken, ook als dit betekent dat het bedrijf daardoor de deuren moet sluiten.

U bent hier